4ingen: Een vriend als Pierewiet

Inleiding

De dagen tellen zich verder, ongestoord.
"Terug naar school" is ondertussen "elke dag naar school" geworden.
Hoe is het ondertussen met je nieuwe boeken?
Heeft er al eentje een ezelsoor?
Hoe zit het met je nieuwe schriften?
Al een bladzijde die er minder mooi uitziet?
Eén met een kromme streep
Of bijgewerkt met tippex?
Hoe zit het met je nieuwe balpennen?
Is er al één leeggeschreven,
Of moet je het doen met een potlood
Met gebroken of stompe punt?
En je nieuwe leerkrachten?
Ken je al hun namen en speciale eisen?
Kennen zij jou al?
Je goede kanten, je hinderlijke karaktertrekjes?
En hoe zit het met je goede wil?
En je hoop goede voornemens van 1 september?
Blijven er nog enkele haalbare over?

En nu zitten we hier, want we zijn toch een katholieke school.
En we zitten hier bij elkaar en we kijken naar elkaar
En we verwachten van elkaar dat de ander gaat bidden
Daarom zijn we hier en die leerkracht daar vooraan moet maar voorbidden,
Het is haar job en zij kan het beter.
Ik ga niet alleen voor je bidden.
Bidden moet je ook zelf doen. Bidden kan ik niet uitleggen.,
Dat moet je allereerst doen in je achterkamer, in de stilte van je hart.
"Als jullie bidden, gedraag je dan niet als schijnheiligen, die graag in de synagogen en op de hoeken van de straten staan te bidden om op te vallen bij de mensen; voorwaar, Ik zeg u: zij hebben hun loon al ontvangen. Maar als jullie bidden, ga dan naar je binnenkamer, sluit de deur achter je dicht en bid tot je Vader die in het verborgene is."
Bidden moeten jullie zelf doen, bidden kun je niet uitleggen.
Zullen we dan maar proberen om iedereen eens op zichzelf terug te gooien en zullen we maar eens zeggen: wees stil, een paar minuten en probeer maar te bidden. Richt je aandacht eens op die God waarvan je niet weet of je erin gelooft of niet.

Schuldbelijdenis

Na de drukte van de eerste schooldagen, na opnieuw onze weg zoeken
Te midden van vakken, nieuwe gezichten, nieuwe boeken, andere lokalen,
Nieuwe mogelijkheden en kansen, na de eerste huistaken en opvragingen,
Na de eerste ontgoocheling, het eerste succes,
Komen we hier tot rust en tot onszelf

En in die rust komen we bij U, God.
We zijn allen met veel goede wil begonnen
En misschien blijft daar vandaag niet zoveel meer van over.
Vergeef ons, Heer, dat we het te snel opgeven
En soms de moed niet hebben om door te bijten.

We zijn dankbaar voor dit nieuwe schooljaar.
Maar misschien vandaag al ondankbaar geweest
Tegenover onze ouders, leerkrachten en medeleerlingen.
Wij kritiseren en breken af.
Wij zeggen: ze verstaan ons niet, ze zijn nooit content, veel te streng...
Vergeef ons Heer, dat we te weinig naar het goede zoeken in een ander.

We zijn allen met de sterke wil begonnen om dit schooljaar tot een goed einde te brengen.
Maar misschien zijn we vandaag al vergeten dat we dit doel
SAMEN moeten bereiken.
Vergeef ons Heer, omdat we soms de anderen vergeten.

Eerste lezing: Pierewiet.

Pierewiet is een vogelverschrikker met een oranje wortelneus. Stel je voor, een oranje wortelneus! De andere vogelverschrikkers lachen hard als Pierewiet op het veld verschijnt. Op een dag zit er een kleine muis voor Pierewiet op het veld. Ha, denkt Pierewiet, werk! Want muizen zijn gevaarlijk. Ze houden van de graantjes die de boer gezaaid heeft. Pierewiet begint te wapperen met zijn armen en vreselijk lelijk te kijken.
-Dag, zegt de muis en springt op wortelneus.
-Ga weg, probeert Pierewiet nog, ga van mijn neus!
-Waarom zou ik? Vraagt de muis en lacht weer. Ik vind je leuk. Opeens komen tranen.
-Ik wil dood, zegt Pierewiet.
-Waarom? Vraagt de muis.
-Ach, zegt Pierewiet. En hij begint te vertellen. Over zijn neus en de neus van de andere vogelverschrikkers.
-Ik ben niet eens een goeie vogelverschrikker, zegt hij triest, muizen moeten weglopen als ik wapper.
-Dan ben ik vast geen goeie muis, zegt muis zachtjes, want ik ben niet bang van je. Maar dat komt omdat ik je mooi vind.
-Mooi? Vraagt Pierewiet verbaasd. Ik? Ach, pest mij niet.
-Echt, zegt de muis. Die andere vogelverschrikkers met hun dikke aardappelneus, die zijn zo lelijk dat ik wegren als ik ze zie. Maar jij...
-Waar woon je? Vraagt Pierewiet verlegen. Hij is helemaal in de war.
-Nergens, antwoordt de muis. Maar ik wil graag in je jaszak mijn nest maken. Om er in te schuilen als het regent of als ik het koud heb. En 's avonds kom ik erin slapen, als ik van mijn tochten thuiskom. En ik vertel je wat ik allemaal gezien heb.
-O, zegt Pierewiet, en verder niets. Maar zijn neus trilt van blijdschap en dat zegt genoeg. Elke morgen vertrekt de muis en elke avond is ze er weer. Wat houdt Pierewiet van die grappige muis. En de andere vogelverschrikkers? Die lachten Pierewiet nooit meer uit. Pierwiet heeft immers iets dat zij niet hebben. Een vriend. Hij moet dus wel heel bijzonder zijn...

Liedmuziek

Tweede lezing:

Paulus schreef naar de mensen van Rome:

Wie een opwekkend woord heeft, moet anderen bemoedigen.
Wie iets uit te delen heeft, schenke het weg met mildheid.
Wie leiding geeft, doe het met ijver.
Wie barmhartigheid bewijst, doe het met blijmoedigheid.

Weet je dat een blik van welwillendheid en goedheid
de andere opbeurt, dat dit hem blijmoedig stemmen zal?

Weet je dat wanneer je met vriendschap naar iemand kijkt,
alle schuchterheid zal wegvallen, dat hij gelukkig zal worden.

Voorbeden

Bidden we nu samen met en voor elkaar:

-Voor de eenheid en de verbondenheid in onze klas, dat niemand zich uitgesloten zou voelen en wij het opnemen voor iedere leerling. Laat ons bidden
Allen: Wij bidden U, verhoor ons Heer.

-Voor alle leerkrachten en leerlingen, dat we doorheen ons samenwerken elkaar meer mogen waarderen en vertrouwen. Laat ons bidden.
Allen: Wij bidden U, verhoor ons Heer.

-Voor onszelf, dat onze goede wil niet zou afzwakken, om te blijven doorzetten ook als het moeilijk wordt. Laat ons bidden.
Allen: Wij bidden U, verhoor ons Heer.

Neem al deze vragen op Heer en schenk er aandacht aan.
We leggen dit schooljaar in Uw handen en we vragen U dan: zorg voor ons.
Laat ons dan ook zo voor elkaar zorgen en dan zal alles wel goed worden.

Onze Vader

Voor dit alles, en nog zoveel meer, bidden we nu SAMEN het Onze Vader.

Allen:
Onze Vader, die in de hemelen zijt
Geheiligd zij Uw naam.
Uw rijk kome.
Uw wil geschiede,
Op aarde als in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood.
En vergeef ons onze schulden,
Gelijk ook wij vergeven aan onze schuldenaren.
En leid ons niet in bekoring,
Maar verlos ons van het kwade.
Amen.

Slotwoord

Ieder mens heeft een stukje bemoediging nodig,
Een schouderklopje, een goed gesprek, een stevige handdruk,
Een begrijpende blik, iemand die met je meeleeft.
Kortom een vriend.
We hebben het allemaal broodnodig.
En het is zo fijn als je op school
"pierewieten" ontmoet die je dat geven.
Laat ons in deze school stappen zetten om
Het voor elkaar aangenaam te maken.
God zal ons hierbij vergezellen
Ga nu en kies de juiste weg

Liedmuziek

Over deze viering

TitelEen vriend als Pierewiet
Soort vieringEucharistieviering
GelegenheidBegin schooljaar
BeschrijvingMooie schoolbezinning
DoelgroepSchool
Leeftijdsgroepvanaf 15 jaar
Trefwoordenvriendschap, vogelverschrikker
Jaartal2003
SamenstellerK. Hoebregts
InzenderKathleen Hoebregts
E-mailkathleenhoebregts@hotmail.com